Mond- en tongbewegingen lijken op het eerste zicht iets kleins. Toch vertellen ze veel over hoe een kind zich in zijn lijf voelt en hoe het zich organiseert om te ademen, slikken, praten en bewegen. In de praktijk blijkt keer op keer dat mondmotoriek, houding, ademhaling en zelfregulatie veel nauwer met elkaar verbonden zijn dan ouders vaak verwachten.

Wanneer we mondgedrag observeren binnen sensorische integratietherapie, kijken we daarom nooit alleen naar de mond. We kijken naar het kind als geheel: hoe het zit, staat, beweegt, ademt en tot rust komt.

Mondhouding als spiegel van het lichaam

Bij kinderen met speekselvloed, een open mondhouding of een laag liggende, weinig actieve tong, zie je vaak ook signalen van een vermoeide of onder-geactiveerde houding. De romp zakt wat in, het hoofd hangt iets naar voren, de schouders ogen slap. Het lichaam mist stevigheid en die instabiliteit zie je terug in de mond.

De tong krijgt in zo’n situatie onvoldoende steun vanuit romp en bekken en vindt moeilijker een hoge rustpositie tegen het verhemelte. Daardoor blijft de mond vaker open en wordt slikken minder efficiënt. Door eerst te kijken naar hoe een kind zit, staat, speelt en ademt, wordt duidelijk dat werken aan mondhouding nooit los kan staan van het hele lijf.

Observatie in sensorische integratietherapie

Therapeuten die werken volgens de Ayres sensorische integratietheorie observeren mondbewegingen als onderdeel van een breder sensorisch onderzoeksproces. Mondgedrag zoals open mondhouding, afwijkende tongbewegingen of problemen met kauwen kunnen aanwijzingen geven over ruimere sensorische integratie-uitdagingen en een verminderde posturale controle waardoor bv. de houding minder stabiel is of een ingezakte romp. Dit komt omdat prikkels vanuit de mond en tong gekoppeld zijn aan het posturale systeem in de hersenen, die helpen bij het reguleren van spierspanning en balans.

Deze observaties helpen therapeuten om een passend behandelplan te maken dat gericht is op zowel orale functies als lichaamshouding.

Het effect van fopspenen en kauwsieraden

Fopspenen kunnen een kalmerend effect hebben, vooral bij baby’s, en helpen bij het reguleren van emoties en ademhaling. Echter, langdurig en intensief gebruik, vooral na de leeftijd van 3 jaar, kan een negatieve invloed hebben op mond- en tongpositie. Dit kan leiden tot een open mondpositie, verminderde tongactiviteit, en problemen zoals een infantiele slikbeweging of verkeerde stand van de tanden, die indirect ook de balans en houding kunnen verstoren.

Kauwsieraden of bijtkettingen worden vaak gebruikt als sensorische hulpmiddelen bij kinderen met sensorische prikkelverwerkingsproblemen. Door het kauwen op deze sieraden krijgen kinderen proprioceptieve input die kan helpen om spanning te reguleren, concentratie te verbeteren en het gevoel van lichaamsschema te versterken. Dit kan zowel een positieve als een negatieve invloed hebben op hun posturale controle.

Ik zie regelmatig in mijn praktijk dat kauwsieraden een negatieve invloed hebben op de posturale controle en dit onopgemerkt blijft. Dit stemt toch wel tot nadenken over het gebruik van kauwsieraden.

De verbinding met ademhaling en aandacht

Een open mondhouding gaat vaak samen met mondademhaling. Die ademhaling is meestal sneller en oppervlakkiger, wat het zenuwstelsel in een meer alerte toestand houdt. Dat kan zich uiten in onrust, sneller vermoeid raken of moeite met aandacht vasthouden.

Neusademhaling met gesloten lippen en een tong die rustig tegen het verhemelte ligt, ondersteunt niet alleen slikken en spreken. Ze helpt ook om het systeem te laten zakken. In de praktijk zien we dat kinderen met meer rompstabiliteit, een diepere ademhaling en een duidelijke ontspannen mondpositie meer uithoudingsvermogen ontwikkelen voor spel, schoolse taken en fijne motoriek.

Praktijkverhaal

In de praktijk kwam een kind dat al lange tijd last had van uitgesproken speekselvloed. Dat was voor de klas, de ouders en het kind zelf lastig: natte mouwen en kledij alsook veel vuil maken. Tegelijk vertelde de ouder over moeilijke momenten na schooltijd. Kledij moest zo snel mogelijk uit, sokken en truien werden als ondraaglijk ervaren. Fijne motorische taken zoals knippen, schrijven en knutselen vroegen enorm veel energie en werden liever vermeden. Kauwsieraden brachten geen vermindering van de speekselvloed. Het kind gebruikte deze ook niet spontaan.

Tijdens de observatie viel op dat het kind een hoge drempel had voor proprioceptieve prikkels. Het zocht stevige input, maar had moeite om die gericht te gebruiken. Tegelijk was de tactiele prikkelverwerking kwetsbaar. Na schooltijd zat de emmer vol en kwam spanning naar buiten in het niet meer kunnen verdragen van naden, labels en textiel. De mond stond vaak open, de tong lag laag in de mondholte en er was weinig stabiele steun vanuit de romp.

In de sessies kozen we er bewust voor om niet alleen rond de mond te werken. Eerst kreeg het lichaam meer diepe druk en beweging. Via duw- en trekspel, kruipen, rollen, klimmen en ondersteuning bij houdingsopbouw kreeg het lichaam duidelijke proprioceptieve informatie. Binnen fijne motoriek wisselden we af tussen stevig drukken en zacht doseren, bijvoorbeeld eerst krachtig stippen zetten met een indrukbare stift en daarna heel voorzichtig fijne stiften gebruiken.

Daarnaast brachten we aandacht naar ademhaling en rust. Even zitten met de voeten op de grond, voelen hoe de buik rustig in- en uitzet. Na drie sessies en het opvolgen van de gegeven tips merkten ouders en leerkracht dat de speekselvloed vrijwel verdwenen was. De mond sloot vaker spontaan, het kind zat duidelijk meer in zijn lijf en kon langer bij fijne motorische activiteiten blijven zonder meteen uit balans te raken.

Dit verhaal laat zien hoe werken aan houding, proprioceptie en ademhaling de mond- en tongfunctie mee kan veranderen, zonder dat de focus uitsluitend op de mond ligt.

Wat betekent dit nu in de praktijk?

  • Let op de mond- en tongpositie van een kind: een gesloten mond met de tong tegen het gehemelte is vaak een teken van een stabiel posturaal systeem.
  • Wees terughoudend met langdurig gebruik van de fopspeen, vooral na de leeftijd van ongeveer 3 jaar, om afwijkingen in mondfunctie en houding te voorkomen.
  • Let op met het gebruik van kauwsieraden. Kauwsieraden bieden proprioceptieve en tactiele prikkels in het mondgebied, wat kinderen kan helpen zichzelf te kalmeren of overprikkeling te reguleren. Dit kan tijdelijk rust en focus opleveren. Het grote nadeel is dat deze compensatiestrategie met intensieve mondactiviteit leidt tot minder inzetten van de kernspieren die belangrijk zijn voor onze houdingscontrole, bv. het rustig kunnen zitten of staan.

Kauwsieraden inzetten vraagt nauwkeurige evaluatie van de sensorische noden en de impact op de ontwikkeling van houding en beweging. Observeer altijd zorgvuldig of kauwsieraden leiden tot verminderde kernspieractiviteit, bijvoorbeeld door het analyseren van houdingscontrole tijdens en na het kauwen. Als je kauwsieraden wil inzetten, kan je ook eerst alternatieve sensorische regulatiestrategieën bekijken die de hele lichaamsintegratie stimuleren, zoals diepe druk, activiteiten met gewichten of vestibulaire input.

  • Let op bij het aanbieden van fopspenen en kauwsieraden zodat prikkels en responsen in het mondgebied niet overmatig dominant worden en andere belangrijke lichaamssystemen (zoals de rompstabiliteit) onderbelicht blijven. Het kan noodzakelijk zijn om een combinatie van observatie en gerichte oefeningen (zoals tongklik, zuigkracht, en mindful slikken) in te zetten om zowel de mondfunctie als houding te optimaliseren.
  • Werk samen met een sensorische integratietherapeut die mondbewegingen meeneemt in de bredere beoordeling van houding en motoriek.

Door de mond en tong te zien als ‘communicatoren’ binnen het sensomotorische systeem, kunnen ouders en therapeuten betere ondersteuning bieden aan kinderen in hun ontwikkeling naar een stabiele, functionele houding.

Wil jij als ouders hulp voor je kind?
👉 Neem een kijkje op https://prikkelsomtegroeien.be/hulp-bij-sensorische-integratie/ en kies wie je wil contacteren.

Wil jij als professional meer inzicht in dit thema?
👉 Kijk of de cursus “Prikkels om te groeien” iets voor jou is. Je krijgt hier basisinformatie rond zintuiglijke prikkelverwerking/sensorische integratie alsook informatie rond dit thema. Voor wie VIP kiest, kunnen ook oefeningen aan bod komen om hier observaties rond te doen.

📍 Meer info en inschrijven: www.prikkelsomtegroeien.be/online-cursus-prikkels-om-te-groeien

Interessant voor jou...

januari 10, 2026

Mond- en tongbewegingen lijken op het eerste zicht iets kleins. Toch vertellen ze veel over hoe een kind zich in

Mond- en tongbeweging: een verband met houding en beweging?

december 10, 2025

Met de feestdagen krijgen we heel wat andere prikkels te verwerken dan op gewone dagen, zowel uit onze omgeving als

Zintuiglijk fijne feestdagen 😉

november 14, 2025

Professionals die dagelijks met kinderen werken — in onderwijs, therapie of zorg — merken het snel: gedrag zegt iets, maar

Kijken achter gedrag: de taal van prikkels
nieuwsbrief

Ontvang jij graag de laatste blogs?